This is the website to memorize Alex Aronson

Edited by Alwin T. Aronson
Andere Tijden NPS/VPRO

broadcasted in 2003 - runtime 18:28
This documentary contains moving images from VARA Television Achter het Nieuws, broadcasted in December 1968 ( link to media archive )
The biography of Alex Aronson

Lex Aronson is born on 20 December 1935 in Amsterdam as a son of Leo Aronson and Sara Cohen, both with Dutch nationality and of Jewish source. Shortly after his birth his parents divorced, Lex then lived with his mother. With her he arrives in '43 in Westerbork and in June 1944 in Bergen-Belsen. Both survive the concentration camp. Lex contracted TB and stays a year in a hospital and a year in a Swiss sanatorium. From its fourteenth up to its seventeenth he visits the Jewish H.B.School in Amsterdam, then he follows a course in pedicure, of which he acquires a diploma. In the summer of 1952 he leaves to go to London to complete training to nurse at "The Jewish Hospital" there.


Three years later he visits his father in Israel and works for some months in the Rambam Hospital at Haifa. After a lot of wandering which brings him to Erythrea, India and Pakistan, he returns in 1956, to the Netherlands. From the Netherlands he undertakes several travels, successively to Algeria, Cameroon and Lambarene where he worked for Dr. Albert Schweitzer. The famous doctor gives him a written letter of thanks in which he expresses his feelings of appreciation for the person of Lex Aronson and his humanitarian philosophical life. In the middle of 1961 Aronson returns to the Netherlands in ' 62 again to Greece in to help with the relief of children.


A year later he committed himself to the relive of children in a French village for children of unmarried mothers. Here he met Elisabeth Cornelia van Dieijen, a Dutch woman, they were married on February 11, 1964. Ten months later, Alwin Tswi was born from the marriage . Until 1968 the Aronson family lived in Poortugaal, Netherlands and Lex worked as a nurse in the home for the elderly "Siloam". Afterwards the family settled in the municipality of Opsterland in the northern country side. During the eleven years of marriage, until his death in December 1975 he performed social work in Greece at the request of the Greek orthodox church; in Northern-Brabant at therapeutic summer camps for asthma patients; worked as a nurse in Gabon for the organisation Terre des Hommes, in Nigeria for the Red Cross and in India with Padre Schlooz. In 1971.


He starts his study on young with educational difficulties in Groningen. Until his departure to Kurdistan he works also at the S.O.S. telephone help line in Leeuwarden, Netherlands. On September 3 1974 Lex Aronson leaves with a car converted to ambulance to Kurdistan to be able to help Kurds fighting for their independence. At his arrival, he proves he is ready to work there, but as the heavy winter starts he leaves by the end of December for India. During the winter months worked in the "Home of the Dying" of Mother Theresa. In March 1975 Alex arrives back in Kurdistan. On March 8th there the clearance of all expatriates starts, Lex does not want to take part because he believes his must stay as long as he can to do useful work.


On March 12 he arrives, after a long excursion through the mountains, in the village of Sidakan. From there he writes a letter. On 21 March 1975 he met Dr. David Nabarro. They knew each other from the "Save The Children Fund" in Barzan. Dr. Nabarro has written Lex's father, Leo Aronson, that Lex had exchanged his ambulance car for a donkey, and he had lost his medical equipment and passport after he left Barzan. Left were a gun and some papers of the "Save The Children Fund", mainly about the situation on the possibility of getting aid to the many refugees. Three days later Lex Aronson was arrested in Kirkuk by the marching Iraqi army. Since Kirkuk is on the way of Kurdistan to Bagdad, the presumption exists he was on the way to the Dutch embassy in Bagdad to obtain a new passport, because without it, it is impossible to pass the border between Iran and Iraq.


In the Netherlands, it is believed that he was with arrested. In July 1975 Lex's father went to the Ministry of Foreign Affairs with the request to be helpful with the detection of his son. The ministry received rather shortly a report from the Turkish and Iranian governments that Aronson had been within their area but did not stay. The government of the Republic of Iraq did not give any answer, even after the request was two times repeated. On November 3rd the Dutch Radio Agency however, confessed that Aronson had been hung on October 11th in Bagdad because of espionage for Israel, but on 6th of November the Iraqi chargé d' affaires communicates that this report is incorrect and that Aronson was convicted indeed, but not yet executed.


After this date still a couple signs of life of Lex has reached its family. He had written messages on the back of the silverpaper of cigaretteboxes, wich came by means of a commission agent at the Dutch embassy in Bagdad. Some days after writing his last letter to his wife and child he must have been assassinated, on March 15, 1976 the secretary of the Iraqi embassy in The Hague calls and communicated that he was executed three months earlier. Lex' mother travels to Iraq to request the Iraqi authorities to release her son's remains. On 21 May of that year Lex Aronson is re-buried in the Jewish Cemetery of Muiderberg, Netherlands. Sunday 30 October 1976 the stone on its sepulchre is revealed.



Original text:  Dov Kalmann
St. Ichoed Haboniem
...NOT BY MIGHT  
AND NOT BY VIOLENCE
   ONLY BY MY SPIRIT...
De Biografie van Lex Aronson

Lex Aronson wordt op 20 December 1935 te Amsterdam geboren, als zoon van Leo Aronson en Sara Cohen, beiden met de Nederlandse nationaliteit en van joodse afkomst. Kort na zijn geboorte gaan zijn ouders uit elkaar, Lex woont dan bij zijn moeder. Met haar komt hij eind '43 in Westerbork en in Juni 1944 in Bergen Belsen terecht. Beiden overleven het concentratiekamp. Lex houdt er TB aan over en moet een jaar in een ziekenhuis en een jaar in een Zwitsers sanatorium verblijven. Van zijn veertiende tot zijn zeventiende bezoekt hij de joodse H.B.S. in Amsterdam, daarop aansluitend volgt hij een cursus pedicure, en ook daarvan verwerft hij het diploma.

Zomer 1952 vertrekt hij naar Londen om een opleiding tot verpleegkundige te volgen aan "The Jewish Hospital" aldaar. Drie jaar later bezoekt hij zijn vader in Israel en werkt hij enige maanden in het Rambam Hospital te Haifa. Na vele omzwervingen die hem onder meer naar Eritrea, India en Pakistan voeren, keert hij in 1956 in Nederland terug. Vanuit Nederland onderneemt hij diverse reizen, achtereenvolgens naar Algerije, Kameroen en Lambarene waar hij Dr. Albert Schweitzer ontmoet. Deze vermaarde dokter geeft Aronson een schriftelijke dankbetuiging mee waarin hij aan zijn gevoelens van waardering voor de persoon van Lex Aronson uiting geeft en zijn humanitair filosofische levensbeschouwing prijst. Midden '61 keert Aronson naar Nederland terug om in '62 alweer naar Griekenland af te reizen teneinde daar te helpen bij opvang van kinderen. Weer een jaar later zet hij zich in een Frans dorp in voor kinderen van ongehuwde moeders. Hier ontmoet hij Elisabeth Cornelia van Dieijen, de Nederlandse vrouw met wie hij op 11 Februari 1964 in het huwelijk treed. Tien maanden later wordt uit het huwelijk een king geboren: Alwin Tswi. Tot 1968 woont het gezin Aronson in Poortugaal alwaar Lex als verpleger in het bejaardenhuis "Siloam" werkzaam is. Daarna vestigt de familie zich in de gemeente Opsterland.

Tijdens de elf jaren van zijn huwelijk, dus tot zijn dood in December '75 heeft hij onder meer in Griekenland sociaal werk op verzoek van de Grieks Orthodoxe kerk verricht; in Noord-Brabant therapeutische zomerkampen geleid voor astma patienten; als verpleger gewerkt in Gabon voor de organisatie Terre Des Hommes, in Nigeria voor het Rode Kruis en in India bij Pater Schlooz. In 1971 begint hij zijn studie voor moeilijk opvoedbare jongeren in Groningen. Tot zijn vertrek naar Koerdistan werkt hij ook nog bij de S.O.S. telefonische hulpdienst in Leeuwarden. Op 3 September 1974 vertrekt Lex Aronson met een tot ambulance omgebouwde auto naar Koerdistan om in de daar heersende strijd tussen de om zelfstandigheid vechtende Koerden en de Irakezen te kunnen helpen. Bij aankomst blijkt al gauw dat hij daar op dat moment (winter) niet van dienst kan zijn en hij vertrekt daarom eind december naar India alwaar hij gedurende de wintermaanden in het "Tehuis der Stervenden" van Moeder Theresa werkzaam is.

Begin maart arriveert hij weer in Koerdistan. Op 8 Maart begint daar de evacuatie van alle buitenlanders; hieraan wil Lex niet deelnemen omdat hij van mening is daar te moeten blijven zolang hij er nuttig werk kan doen. Op 12 Maart arriveert hij, na een lange tocht door de bergen, in het plaatsje Sidakan. Vanuit daar schrijft hij weer een brief. Op 21 Maart 1975 heeft Dr. David Nabarro van het Safe The Children Fund Lex nog ontmoet in Barzan. Deze Dr. Nabarro heeft aan de vader van Lex geschreven dat Lex zijn ambulanceauto ingeruild had voor een ezeltje en dit weer was kwijtgeraakt tezamen met zijn medische uitrusting en paspoort. Hetgeen hij bij zich had toen hij Barzan verliet, waren een revolver en enkele papieren van dit Save The Children Fund, hoofdzakelijk handelend over de situatie ter plaatse met betrekking tot de mogelijkheid om hulp naar de vele vluchtelingen te krijgen.

Drie dagen later wordt Lex Aronson in Kirkuk gearresteerd door het oprukkende Iraakse leger. Aangezien Kirkuk op de weg van Koerdistan naar Bagdad ligt, bestaat het vermoeden dat hij op weg was naar de Nederlandse ambassade in Bagdad om daar een nieuwe pas te halen. het was voor hem namelijk onmogelijk om zonder pas de grens tussen Iran en Irak te passeren. Dat hij gearresteerd was, was in Nederland een onbekend feit, want in Juli '75 heeft de vader van Lex zich officieel tot ons ministerie van buitenlandse zaken gewend met het verzoek hem behulpzaam te willen zijn bij de opsporing van zijn zoon. Het Ministerie ontving vrij spoedig bericht van de regering van Turkije en Iran dat Aronson zich niet binnen hun gebied ophield. De regering van de Republiek Irak gaf geen antwoord, ook niet na een twee maal herhaald verzoek.

Op 3 November maakt de Nederlandse radio nieuwsdienst echter bekend dat Aronson op 11 Oktober te Bagdad is opgehangen wegens spionage voor Israel, maar op 6 November deelt de Iraakse zaakgelastigde mee dat dit bericht onjuist is en dat Aronson "weliswaar is veroordeeld doch nog niet is geexecuteerd". Na deze datum hebben nog een paar levenstekens van Lex zijn familie bereikt. Hij heeft namelijk op de achterkant van het zilverpapier van sigarettepakjes nog een aantal boodschappen geschreven die via een tussenpersoon bij de Nederlandse ambassade in Bagdad terecht zijn gekomen. Enkele dagen na het schrijven van zijn laatste brief aan zijn vrouw en kind moet hij vermoord zijn, want op 15 Maart 1976 belt de secretaresse van de Iraakse ambassade in Den Haag de mededeling door, dat hij drie maanden eerder (!) geexecuteerd is. Lex' moeder moet naar Irak reizen om de Iraakse autoriteiten zover te krijgen dat ze het stoffelijk overschot van haar zoon vrijgeeft: op 21 Mei van dit jaar wordt Lex Aronson op de joodse begraafplaats te Muiderberg herbegraven, op Zondag 30 Oktober wordt de steen op zijn graf onthuld.

Tekst: Dov Kalmann
St. Ichoed Haboniem
Leendert ("Alex" or "Lex") Aronson was born in Amsterdam on 20 December 1934. In 1943, Aronson was deported together with his mother, Sara van Straten-Cohen, to the concentration camp Bergen-Belsen. Although over two thirds of the Dutch Jews deported to Bergen-Belsen did not remain alive at the end of the war, Aronson and his mother survived. Upon his return to Amsterdam, Aronson attended the Jewish Secondary School from 1948 to 1951. In 1952 he received a certificate in chiropody and also studied nursing at the Jewish Hospital in London. He emigrated to Israel in 1955 and spent most of the next six years traveling in India, The Middle East, Europe and Africa before returning to Amsterdam in 1962. In 1964 Aronson married Elisabeth van Dieijen, and their son Alwin was born the same year. He worked for The Red Cross during the latter part of the 1960s in Africa, returning to Holland in 1970, but returned to India at the end of the year. In August 1974, he traveled to Kurdistan where he was arrested in March 1975 by the Iraqis on charges of spying for Israel. On 15 March 1976, the Iraqi Embassy admitted that Aronson had been executed in Baghdad although the exact date of his death was never revealed. In April 1976 his mother was able to obtain his remains, and Aronson was buried on 26 May 1976 in the Jewish Cemetery in Muiderberg, Holland. Alan Mendelson, co-editor of From Bergen-Belsen to Baghdad : The Letters of Alex Aronson, was a student at the Hebrew University in Jerusalem when he met Aronson in 1962. They traveled together, and Aronson later visited Mendelson, who is Alwin's godfather, in 1970 when the editor was a graduate student at the University of Chicago. Their last meeting took place in the spring of 1974 when Mendelson visited Aronson in Holland.

Alan Mendelson and Joan Michelson
From Bergen-Belsen to Baghdad. The letters of Alex Aronson
Still the memories burn bright. Readers might be interested to know that there is a collection of Alex's letters at McMaster University Archives, Hamilton, Ontario. Anyone who has material and who wants to add it to the Aronson Archives here should get in touch with me. The library is not able to purchase material, but would be very happy to keep it for posterity.

Alan Mendelson


Alex Aronson, Volunteer Medical Worker and Humanitarian
Centre for Peace and War - Mc Master University of Ontario
Dossiers Geschiedenis 24

Het Nederlandse slachtoffer van Saddam
Vrijbuiter, idealist, een man met onrust in het bloed. Volgens dominee Ype Schaaf, die Aronson begin jaren zeventig leerde kennen in het hulpverleningscircuit, was het helpen van mensen de grote drijfveer voor Aronson. Hij was heel merkwaardig. Zo heeft hij op een goed moment een berghut gebouwd in Griekenland. Daar ging hij heen om na te denken en te mediteren. Hij had dan een soort aanhangers om hem heen die graag met hem praatten. Toen hij voor dominee Schaaf tien maanden bij de telefonische hulpdienst in Leeuwarden had gewerkt, kwam hij naar Schaaf toe. 'Hij zei tegen mij: "Ik hou het niet meer. Ik heb in Biafra gewerkt, ik ben in Bangladesh geweest, ik moet weer naar een ramp. Kun je me ook een ramp bezorgen? Jij hebt relaties in kerkelijke kringen op dat punt." Ik heb toen het Werelddiaconaat en de Stichting Oecumenische Hulp, die zich met dit soort zaken bezighielden, opgebeld, maar die wisten ook niks. Dat heb ik hem meegedeeld. Twee weken later kwam Alex breed grijnzend op kantoor: "Ype, het is geregeld."'

In een uitzending van Avro Televizier had Aronson een oproep gezien van Mohsin Dizayee, die in Nederland was geïnterviewd. Dizayee was een leider van de Koerdische democratische beweging. In de uitzending kwam naar voren dat honderdduizenden Koerdische burgerslachtoffers dringend medische hulp nodig hadden. Direct na de televisie-uitzending nam Aronson contact op met Dizayee en besloot hij naar Koerdistan te vertrekken. Schaaf: 'Ik heb nog tegen hem gezegd: "Een zoon van het oude volk naar Koerdistan? Dan moet je wel uitkijken." Aronson zei toen: "Dat valt wel mee. Ik ga alleen maar medische hulp organiseren."



Freebooter, idealist, a man with restlessness in his blood. According to reverent Ype Schaaf, which Aronson learned to know in the early seventies in the relief work citcuit, helping people was the motive for Aronson. He was a very remarkable person. Thus at a good moment he has built himself a mountain hut in Greece. There he examined to think and meditate. Then he had a kind of partisans around him who loved to talk with him.
After he had worked for months for reverent Schaaf at the telephone help line in Leeuwarden, he came to have a talk with him. He said against me: I can't bear it no longer. I have worked in Biafra, I was in Bangladesh, I must go to a calamity. Can you me provide a calamity ? You have relations in ecclesiastical rings on that point. I contacted the Worlddiaconal and the Committee for Inter-Church Aid and Services, which occupied themself with this type matter, but they knew also nothing. I communicated that to him. Two weeks later Alex came on office with a wide grin: "Ype, it have been fixed."
In a television broadcasting of Avro Televizier Aronson had seen a recall of Mohsin Dizayee, which had been interviewed in the Netherlands. Dizayee was a leader of the Kurdisch Democratic Movement. In the broadcasting came forward that thousands of Kurd citizens urgently needed medical aid. After the broadcasting Alex contacted Dizayee and decided to leave directly to Kurdistan. Schaaf: I have told him: A son of the old nation to Kurdistan ? Then you must look out, however. Aronson said then: It will turn out well. I will only organise medical aid...



Ds. Ype Schaaf   †
De teksten van Ds. Ype Schaaf e.a. zijn gebaseerd op het boek
"De dood in Bagdad" van Robert Mulder en Lejo Siepe
Alexander Leendert Aronson (Amsterdam, 20 december 1934 - Bagdad, 15 december 1975) was een Nederlands hulpverlener die geëxecuteerd werd in Irak.

Aronson, die van Joodse komaf was, zat gedurende de Tweede Wereldoorlog gevangen in concentratiekamp Bergen-Belsen. In Londen volgde hij na de oorlog een opleiding tot verpleegkundige. Hij emigreerde in 1955 naar Israël en reisde zes jaar als hulpverlener de wereld rond om in 1962 in Amsterdam terug te keren. Hij huwde in 1964 en kreeg datzelfde jaar een zoon. Eind jaren '60 werkte hij voor het Rode Kruis in Afrika en later in India.

Vanaf augustus 1974 ging hij hulp organiseren voor Koerden in Noord-Irak. Op 25 maart 1975 werd hij gearresteerd door het regime van Saddam Hoessein en werd hij beschuldig van spionage voor Israël. Hiervoor werd hij schuldig bevonden door een revolutionair tribunaal. Op 3 november werd bericht dat Aronson was opgehangen maar dit bleek onjuist. In maart 1976 werd bekend dat hij op 15 december geëxecuteerd was. Hij werd op 21 mei 1976 op de joodse begraafplaats in Muiderberg herbegraven.
Elisabeth Aronson is overleden op 15 Maart 2011, ze was 81 jaar. Ze leefde de laatste 5 jaar samen met mij in Thailand.

Elisabeth Aronson has passed away on March 15, 2011 on the age of 81 years. Her last 5 years she lived with me in Thailand.




coming soon





...

Andere Tijden besteedt aandacht aan de zaak 'Aronson', 'opgehangen door de beul van Saddam Hoessein'. Al in 1975 werd een Nederlander het slachtoffer van het Iraakse regime van Saddam Hoessein: het was de uit Friesland afkomstige hulpverlener Lex Aronson, die, verdacht van spionage, in Bagdad is opgehangen. Een reconstructie van zijn noodlottige expeditie naar Irak. Onder andere gesprekken met mensen die Aronson gekend hebben en die op de een of andere manier getuige zijn geweest van deze merkwaardige affaire. Onder hen de voormalige D66-politicus Beekmans, die in 1976 naar Bagdad reisde in een poging de executie van Aronson te voorkomen. (Trouw)
External links

De dood in Bagdad
NIW artikel van David Gaillard
Humanitair Activisten (wiki)
Geëxecuteerde Nederlanders (wiki)
Stand.nl - discussie over stille diplomatie